De tijd (Joseph Ludwig Stoll)

De Tijd gaat in het wit gekleed
En weeft en zingt en weeft.
Zij zit aan een geopend graf
Om haar glimlach vloeien de tranen af

De Tijd gaat in het wit gekleed
En weeft en zingt en weeft.
Haar lachen, wenen en weven eindigen niet.

Joseph Ludwig Stoll (1758-1815)


(Eigen vertaling uit het Duits)

Passie voor olijfbomen

“Mijn passie voor deze bomen begon diepe wortels te krijgen. Het begon mij te dagen dat die vormen niet zomaar ontstaan waren. Aan wie hadden ze toch die vreemde gedaanten te danken, wat voor diepere betekenis stak er achter die knobbelige ledematen, die tragische gezichten? Hoe kwamen de oude Grieken oorspronkelijk op het idee van de groteske gestalten van saters, demonen, centauren, minotaurussen, nimfen, cyclopen, sirenen, gorgonen? Ik raakte er steeds meer van overtuigd dat het nauwe contact met oeroude olijfbomen bij het dagelijks werk op het land ze moet hebben geïnspireerd en nieuwsgierig gemaakt naar de betekenis van deze verwrongen figuren en verschrikte gezichten. En dat ze redenen probeerden te verzinnen voor de oorsprong van deze fantastische vormen, tevoorschijn getoverd door de duistere krachten van de aarde en zo zagen de mythologie en demonologie het levenslicht.”
(Eigen vertaling uit het Engels)
Andriëtte Stathi-Schoorel in de inleiding van haar onderzoek naar het beeld van de olijfboom in de Griekse poëzie: The mad and sacred olive tree. Its image in Greek poetry (Athene 1999 2edruk)

De foto’s (aanklikken voor een grotere weergave) van deze oude olijfbomen heb ik in mei 2012 gemaakt op het Griekse eiland Kefallinia.

Een oud kwatrijn

 

Dit aards bestaan is een boom vol venijn.
Toch smaken twee van zijn vruchten fijn:
De godenspijs der poëzie
En het genot met echte vrienden samen te zijn.
…….
Kâlidâsa
Sanskriet dichter uit 4e (?) eeuw
…….
(Eigen vertaling uit het Engels)