
Plotseling ontwakend
uit een diepe zomerslaap,
ontwaar ik een Romeinse soldaat,
die opduikt uit de Kromme Rijn
en mij de weg naar Vechten vraagt,
om daar het fort te gaan bewaken.
Hij is echter vele eeuwen te laat,
tracht ik hem duidelijk te maken;
en vervolg verstoord mijn zomerslaap.
