Utrechtse dichters presenteren zich

Op Gedichtendag, 26 januari, werd in de centrale Bibliotheek aan de Neude een fraai vormgegeven bloemlezing gepresenteerd met gedichten en korte cv’s van ruim 80 in Utrecht woonachtige dichters. Deze unieke ‘poëziekrant’ wordt in een oplage van 5.000 exemplaren verspreid op scholen, bibliotheken en culturele instellingen.
Hieronder afbeeldingen van mijn bijdrage, de voorkant van de krant en de namen van de deelnemende, al dan niet bekende, dichters.

De kraanvogels


De westenwind heeft maar een paar dagen gewaaid;
Toch dwarrelen de eerste bladeren al van de takken.
Over de opdrogende paden loop ik in mijn lichte schoenen;
Met deze eerste kou heb ik mijn gewatteerde mantel aangedaan.
Ondiepe greppels voeren de stromen regenwater af;
Door spaarzaam groeiend bamboe heen sijpelt strijklicht.
In de vroege avondschemering leidt de tuinjongen,
Langs een groen bemost laantje, de kraanvogels naar huis.

Po Tsjü-i (AD 830)
(Eigen versie naar een Engelse vertaling van het Chinese origineel)