Romeins gedicht

Gisteravond zei ik, na vijf glazen wijn:
“Procillus, het lijkt me fijn
als je morgen bij me komt eten.”
Jij dacht (zeer ten onrechte) te weten
dat ik het meende en nam geslepen
mijn dronken aanbod aan. Laat me dan
een Grieks gezegde aanhalen: “Ik baal van
drinkmaatjes die niet vergeetachtig zijn.”

MARTIALIS (40 – 104)

(Eigen vertaling uit het Engels)

IMG_5871

Kind uit lucht

Aan elke lezer

Zoals je moeder je vanuit het huis
Ziet spelen onder de bomen in de tuin,
Zo kun jij, als je door de vensters
Van dit boek kijkt, heel ver weg
Een ander kind zien spelen in een andere tuin.
Maar denk heus niet dat je dat kind kunt roepen
Door op het raam te kloppen.
Het gaat helemaal op in zijn spel,
Het zal je zien noch horen
En laat zich al evenmin uit dit boek weglokken.
Want het is, eerlijk gezegd, lang geleden
Volwassen geworden en vertrokken:
Het is maar een kind uit lucht
Dat je ziet spelen daar in die tuin.

Eigen vertaling van het gedicht To any reader
(1885), uit:

Een ommetje

Ik maakte in de mooie buurt een ommetje
En zag mijn lief op haar balkonnetje

Ze was bezig haar planten te begieten
Vol geuren om van te genieten

Ik raakte in vuur en vlam en riep naar haar:
Toe, geef me zo’n lekker bloempje, eentje maar!

Trots als een prinses neeg ze naar mij en zei:
“Wie de bloem aanneemt, krijgt de geefster er wel bij!”

Dit is mijn eigen vertaling (via het Engels) van een oorspronkelijk in het Griko overgeleverd volksliedje. Voor meer achtergrondinformatie zie:  https://leomesmangedichten.com/2008/05/29/wit-is-papier/