Tijd van bezinning

Het heeft iets troostrijks door de herfst te wandelen.
De eigen weemoed laat zich meer verstaan
Dan toen de bloesems van de takken vlamden.
Er breekt een tijd van rust en stilte aan.

Men denkt terug aan wie in vroeger dagen
Ons na stonden in woord en in gebaar
En durft nu ook het eigen hart te vragen:
Wat was leugen? Wat was waar?

Lievelingsgetij

Herfst,
lievelingsgetij van de jager:
geen wild is veilig voor de vuurkracht
van zijn dubbelloops geweer.

Herfst,
lievelingsgetij van de dichter:
menig vel papier zucht onder
de vruchten van zijn verbeelding.

Herfst,
lievelingsgetij van de zelfmoordenaar:
met het zwakker worden van het hemellicht
groeit de aantrekkingskracht van de aarde.

Jager, dichter, zelfmoordenaar:
elk op eigen wijze
van doodsdrift vervuld.