‘Migrantenboot zinkt bij Griekenland’ (NOS)


Er is een boot gezonken
Veel mensen zijn vermist.
Een aantal drenkelingen
Is wel uit zee gevist.

Het lot verdeelt naar willekeur
Porties geluk en pech.
Maar was de wereld beter,
Was er nu niemand weg.

Zij vluchtten voor de oorlog,
Op zoek naar veiligheid.
Hoevelen zullen volgen nog?
Telkens een vluchtig feit.

De zee bergt steeds meer doden,
Zonder gerechtigheid.

Niet verstomd

Hij lag er sereen en schijnbaar slapend bij.
Een glimlach om zijn voorgoed gesloten mond.
Hij, die niets liever deed dan eindeloos debatteren,
Maar door een falend brein te vroeg moest zwijgen.
Nu rust zijn lichaam in een lommerrijke hof.
In ons hoofd nog klinkt zijn stem.
Niet verstomd.

Een jachtdrama uit de 19de eeuw

Een edelman ging uit jagen.
Een nieuwsgierig kind volgde hem heimelijk.
De jager zag beweging in het struikgewas en schoot.
Hij vond zijn eigen kind.
Het was dood.

(Herinnering uit mijn jeugd aan een gedenksteen in een wandelbos.)