Bloemendoder

De bloemendoder is langs geweest.
Hij zegt: ‘Heus, ik ben geen ploert,
Ik kon de schoonheid ervan niet verdragen.’

De rozenblaadjes liggen her en der rondom de struik,
Als duivenveertjes na een feestmaal van een buizerd.
Of was het toch een windvlaag die ik hoorde?

Wilde tuin

We laten de tuin zijn gang maar gaan
elk voorjaar een nieuw patroon van blad en kleur
met hier en daar een vleugje bloemengeur
soorten die elkaar zoeken of juist ontvluchten
niet alles wat groeit en bloeit verdraagt elkaar
dus laten we de tuin zijn gang maar gaan
er moet al zoveel in ’s mensen bestaan.