Een portret van een hond als een oude vent

Toen zijn baasje in 2000 doodging en een nieuw gezin
hun Moskouse appartement betrok,
voegde hij zich bij zwerfhonden in het park.
’s Zomers was er genoeg te eten, kinderen lieten
vaak boterhammen, hotdogs en ander etenswaar slingeren.
Hij had trouwens niet veel trek,
want hij miste zijn vroegere maat nog steeds.
En hij was oud, de dames wonden hem niet meer op,
hij verbrandde geen calorieën meer met achter ze aan te jagen.
Toen werd het winter en kwamen er geen kinderen meer in het park.
Hij kwam op het idee om afval te gaan eten,
maar vanaf het moment dat hij begon te rommelen in de
overvolle vuilcontainer zei een stem
in zijn hoofd: ‘Nee, Rex!”
De restanten van een goede opvoeding verzwakken
onze natuurlijke overlevingskansen.

Ik zag hem weer in het vroege voorjaar van 2001.
Hij zag er fantastisch uit. Hij werd grijs, wat hem goed stond.
Zijn donkere herdersogen straalden helder als die van een puppy.
Ik vroeg hem hoe hij zich in leven hield
in deze nieuwe vrijemarkt-toestand
waarin zelfs de menselijke soort aan ondervoeding leed.
Als reactie vertelde hij mij zijn verhaal:
hoe hij in het begin dacht dat het leven zonder zijn baasje
niet de moeite waard was en hoe degenen
die hem eerst aanhaalden als hun huisdier
hem vervolgens lieten vallen en hoe hij op een nacht
een openbaring kreeg.

Zijn baas bezocht hem in zijn slaap,
tikte hem op zijn magere nek en zei:
“Laten we gaan winkelen!” De volgende morgen namen ze dus de metro
en gingen naar de markt
waar ze ’s zondags altijd naartoe gingen en
kooplui hem herkenden en wat lekkers gaven,
wat hij zich goed liet smaken.
“Misschien moet je wat dichter bij die buurt gaan leven?”
opperde ik voorzichtig – “Nee, ik blijf liever hier,” verzuchtte hij,
“Oudjes moet je niet meer verkassen. Dat zei mijn baas altijd.”
Ja, hij klonk nu zelf als een oudje.

Eigen vertaling uit het Engels van het gedicht A Portrait of a Dog as an Older Guy van Katia Kapovich. Voor de originele versie zie: https://www.poetryfoundation.org/poems/57926/a-portrait-of-a-dog-as-an-older-guy

Zakgeld (James Masao Mitsui)

Ik ben tien.
Mijn moeder zit in een zwarte
schommelstoel in de salon
en vertelt verhalen over een plattelandsschool
omgeven door rijstvelden
en zonder wegen.

Ik sta in het licht van een petroleumlamp
achter haar,
en verdien mijn zakgeld.
Een cent
voor elke witte haar die ik eruit trek.

Eigen vertaling van het gedicht ‘Allowance’ van de Amerikaanse dichter James Masao Mitsui.
Kijk hier voor het origineel: https://www.poetryfoundation.org/poems/141925/allowance

Danse Russe (William Carlos Williams)

Als ik, terwijl mijn vrouw slaapt
en de baby en Kathleen
ook slapen
en de zon een vuurwitte schijf is
in zijdeachtige nevels
boven glanzende bomen, —
als ik in mijn kamer op het noorden
in mijn blootje een potsierlijk dansje maak
voor mijn spiegel
mijn hemd om mijn hoofd zwaaiend
en zachtjes in mezelf zingend:
“Ik ben eenzaam, eenzaam;
Ik werd geboren voor eenzaamheid,
Ik voel me helemaal oké!”
Als ik mijn armen en gezicht bewonder,
en mijn schouders, flanken, billen,
tegen de geel getekende tinten, –

Wie zal ontkennen dat ik
de gelukkige schutsengel van mijn gezin ben?

Eigen vertaling uit het Engels.
Lees hier het origineel:
https://www.poetryfoundation.org/poems/46483/danse-russe