
Boven alle daken hangt een diepe rust.
In ‘t gebladerte klinkt nauwelijks een zucht.
Ook vogeltjes houden zich nu stil.
Geen fijne dag voor wie graag leven wil.
(Vrij naar Johann Wolfgang von Goethe)

Boven alle daken hangt een diepe rust.
In ‘t gebladerte klinkt nauwelijks een zucht.
Ook vogeltjes houden zich nu stil.
Geen fijne dag voor wie graag leven wil.
(Vrij naar Johann Wolfgang von Goethe)

Wij zijn natuur,
zegt de prinses.
Ik rust en peins:
een wijze les.

Onder de massieve druk van het dagelijkse oorlogsnieuws lopen we het risico dat ons hart versteent voor het lot van de slachtoffers, omdat het besef van onmacht het wint van ons gevoel van verbondenheid. Maar wij zijn minder machteloos dan zij. Wij kunnen onze stem laten horen en iets doen. Zelfs de kleinste daad van steun of protest is belangrijk. Voor hen, maar ook voor ons. Alleen al om onze harten voor verstening te behoeden.