Haiku voor Paul Mercken

De Bunnikse dichter en filosoof Paul Mercken werd onlangs tachtig jaar. Hij is onder anderen een bedreven en gedreven dichter van haiku’s en tanka’s. Ter ere van Paul, een actief en markant lid van de dichtersvereniging Taalpodium, heb ik de volgende haiku geschreven en voorgedragen op zijn verjaardagsfeest.

(Bron: zeistermagazine.nl)

Een lang leven al
paart deze heer van tachtig
aan het korte vers.

Twee ‘engelen’ uit mijn jeugd.

Ik was 20, student in Nijmegen en bezig mijn homo-erotische verlangens te ontdekken. En wie kon mij bij mijn zoektocht meer herkenning en bemoediging bieden (in die dagen zeker niet overbodig) dan de jonggestorven en alleen daarom al mythische dichter Hans Lodeizen (1924-1950)? Vooral één gedicht van hem werd mij dierbaar en zit voorgoed in mijn geheugen gegrift. Niet alleen vanwege de ontroerende inhoud en unieke melancholieke toon. Mijn goede vriend Antoon H. bezat de lp ‘Shaffy Chantant’, waarop het gedicht werd voorgedragen door Joop Admiraal (1937-2006). Deze acteur had niet alleen het uiterlijk, maar ook de stem van een engel en was de best denkbare vertolker van Lodeizens poëzie.

Joop Admiraal

je hebt me alleen gelaten
maar ik heb het je al vergeven

want ik weet dat je nog ergens bent
vannacht nog, toen ik door de stad
dwaalde, zag ik je silhouet in het glas
van een badkamer

en gisteren hoorde ik je in het bos lachen
zie je, ik weet dat je er nog bent

laatst reed je me voorbij met vier
andere mensen in een oude auto
en ofschoon jij de enige was die
niet omkeek, wist ik toch dat jij
de enige was die mij herkende de enige
die zonder mij niet kan leven

en ik heb geglimlacht
ik was zeker dat je mij niet verlaten zou
morgen misschien zul je terugkomen
of anders overmorgen of wie weet wel nooit

maar je kunt me niet verlaten 

Er is een heruitgave van Shaffy Chantant op cd uitgebracht door Fonos.nl, Het Nederlands Muziekarchief (LP-2903).

Een normale dichter is flauwekul

De dichter is evenveel waard als zijn beste gedicht.

Er moet, tot in het kleinste gedichtje van een dichter, iets zijn waaruit men kan afleiden dat Homerus heeft bestaan.

Iedereen heeft dichterlijke momenten en gevoelens die even poëtisch zijn als die van de grootste dichters; anders zou er geen publiek voor enige vorm van kunst zijn, evenmin als een, niet eens gedeeltelijk, begrip voor kunstenaars.

Wat is -zo heb ik horen vragen- een normale dichter? Het antwoord is simpel: een normale dichter is flauwekul. Het hele gegeven een dichter te zijn, sluit normaliteit uit. Geen normaal mens, geen gewoon mens is een dichter.

Bovenstaande en vele andere prikkelende gedachten zijn te vinden in: Fernando Pessoa. Aforismen & kort proza (Keuze en vertaling Michaël Stoker), een bijzondere uitgave van Salon Saffier & Poëziecircus, Serie ‘Literaire Meesters’ Utrecht 2009