Een Grande Finale

Drie mooie gedichten wonnen gisteren  de “Grande Finale” (presentator John Jansen van Galen) van de 3e Turing Nationale Gedichtenwedstrijd. Hierbij wil ik de drie triomferende dichters, David Troch, Kate Schlingemann en Hilde van Cauteren, van harte feliciteren met hun welverdiende prijs. Puur toevallig, veroverden voor het eerst 2 Vlamingen en 2 vrouwen de Top-3 (een doordenkertje) van deze volkomen anoniem georganiseerde wedstrijd. Het was een waar feest van de poëzie gisteravond in de barokke Amsterdamse Stadsschouwburg, met mooie voordrachten van de beste 20 gedichten en  twee prikkelende en leerzame toespraken.
De ambassadeur van het dichterstoernooi, Gerrit Komrij, fileerde in zijn openingsrede het in zijn ogen even voorspelbare als ongepaste “gezeur”, dat telkens weer opstijgt uit kringen van het min of meer gevestigde dichtersvolkje, over de vermeende kwalijke invloed van de laagdrempelige Turingwedstrijd op de status en kwaliteit van de Nederlandstalige poëzie. Hij noemde geen namen. Ik kan er wel een paar bedenken, maar waarom zou je die slechte verliezers meer aandacht geven dan ze verdienen? In zijn betoog hield wedstrijdvoorzitter, Ramsey Nasr, de aanwezige 81 dichters die met een of meer gedichten de top-100 hadden gehaald (en hun aanhang) voor wat wel of geen geslaagd gedicht is, naar smaak en opvatting van de finale jury.
Zelf smaakte ik het genoegen voor de tweede keer op rij een gedicht van mij door de redactie van het poëzietijdschrift Awater in hun Top-100 geselecteerd te zien en opgenomen in de nieuwste Turing-poëziebundel. Bovendien kreeg ik voor de tweede keer een plek in de Top-20 van de het radioprogramma Met het Oog op Morgen. Maar evenmin als de vorige keer haalde mijn gedicht de Top-20 van de TNG-jury. Het feit dat er twee verschillende Top-20’s worden samengesteld is eigenlijk best verwarrend. Daar staat tegenover dat meer in de Top-100 gekozen dichters een kans krijgen dat hun vers wordt voorgedragen en besproken.
Ik ben poëzieminnaar, schrijver en journalist John Jansen van Galen (en zijn “verloofde”) dan ook erg dankbaar dat hij weer een gedicht van mij opnam in zijn keuze voor Het Oog. Naar aanleiding van zijn commentaar en dat van Rob Schouten bij het laatste gedicht kan ik hem verzekeren: ik beschouw mezelf als een niet-gefrustreerde en redelijk geslaagde dichter; al is het alleen al omdat mijn dichtkunst kennelijk bij hen in de smaak valt! Het laatste gedicht is een gedachte-experiment en geen afrekening met het poëziebedrijf. Met Ramsey Nasr en zijn jury vind ik dat het bij poëzie in de eerste plaats draait om de liefde voor taal en wat je allemaal met taal kunt doen. De Turing Nationale Gedichtenwedstrijd is een aanwinst voor het literaire leven in Nederland en Vlaanderen en bovendien, nu de startproblemen zijn overwonnen, van het begin tot het eind uitstekend georganiseerd!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.